monade (grieks)
ondertaal
n-in, m-mee
eenheid, enkelvoudig wezen-monade (grieks)
chech-te-chach-in-choch-mee
eigen te zag te (h)oog/zoek mee
iets eigens wat je kunt zien
fon èèges-van (zich) zelf
4 monaden: 1). stoffen, voorwerpen zonder denkvermogen, 2). dieren met onduidelijk denkvermogen, 3). dieren met duidelijk denkvermogen, geesten die kunnen denken 4). God.
© 2005-2013 TexelSites