fremde (Middelengels)
boventaal
f-b-bi, mee
fremde - degene die buiten(af) is- verg. strange
bi-chrech-mee-te-chech
bij reik/reis mee te eigen
wie reist
op merode-op reis, op pad
zie: strange. En stranger betekent "onbekende" en zie het verschil met het andere woord voor vreemdeling "foreigner" dat in het Eng.woordenboek staat voor buitenlander
© 2005-2013 TexelSites